Posts tonen met het label fullframe. Alle posts tonen
Posts tonen met het label fullframe. Alle posts tonen

zondag 10 februari 2019

Objectiefcodering | Er staan heel wat getallen op een objectief maar wat is dat allemaal?

FOTOGRAFEER JE EERSTE ECHTE MODEL | Objectiefcodering



Er staan heel wat getallen op een objectief maar wat is dat allemaal? 




Ofwel wat lezen we voor codes op een objectief?


Voor veel beginnende fotografen is het lastig om de cijfers op een objectief (de objectief codering ) te beoordelen. Men is geneigd om naar zaken als een lensdiameter te kijken zonder te beseffen dat die diameter alleen iets zegt in combinatie met de brandpuntsafstand van het objectief.

Een objectief codering is bijvoorbeeld F1.8/50 55. Wat zegt nu? Het eerste getal (F1.8) is de grootste lensopening die mogelijk is. Ook wel de F-stop genaamd. F1.8 is een flinke opening, laat veel licht door en geeft de mogelijkheid van een beperkte scherptediepte. Een scherp gesteld onderwerp komt daarmee mooi los van de onscherpe achtergrond.

Als we met een digitale camera te maken hebben met een kleinere sensor (bijv APS-C) dan heeft deze een zogenaamde cropfactor. Dit is in feite de verhouding met een kleinbeeldnegatief. Zetten we ons 50mm standaardobjectief op een dergelijke digitale camera met bijvoorbeeld een cropfactor van 1,6 dan zal ons standaardobjectief 50 x 1,6 ofwel 80mm worden.

Het standaardobjectief voor een digitale camera met een cropfactor van 1,6 zal dan 30mm worden. Immers, 30 x 1,6 is 48mm en dus nagenoeg gelijk aan het standaardobjectief.

Het tweede getal /50 is de brandpuntsafstand in mm. 50mm is het standaardobjectief voor een kleinbeeld(film) camera of voor een digitale camera. Alles kleiner dan 50mm noemen we een groothoekobjectief, alles groter dan 50mm wordt een tele-objectief genoemd. In de praktijk rekenen we 40mm t/m 60 mm nog wel onder de standaardobjectieven.

Bij lenzen met een vaste brandpuntsafstand (zogenaamde Primes) zien we vaak een grootste opening van F1,4, F1,8 (ook wel 2.0) of F2,8. Komen we echter meer in het telebereik of juist in de sterkere groothoeklenzen dan is een grootste opening van f4 al normaler. Gaan we naar sterke teleobjectieven als een 500mm en dergelijke dan is F6,3 een gangbare waarde. Grotere openingen bestaan zeker wel maar daar hangt een prijskaartje aan wat ook aan een klein autootje hangt. Buiten het bereik van de doorsnee amateur dus.

We hebben nu nog één aanduiding over en wel de 55. Dit is de maat van het filter dat eventueel gebruikt kan worden op dit objectief.

Bij zoomobjectieven komen deze waarden meestal gepaard voor. Dat levert iets op van F3,5/24 F5,6/120 77

We zien dan in de stand 24mm een maximale opening van F3,5 die terugloopt naar een waarde van 5,6 in het Tele-bereik. De filtermaat is in dit geval 77mm. Er bestaan zoomobjectieven die over het gehele bereik een vaste grootste opening hebben, maar ook dat zijn de objectieven met een fors prijskaartje.

Resumerend kunnen we het volgende stellen. Standaardobjectief: 40-60mm bij fullframe en kleinbeeldnegatief rond de 30mm bij digitaal met cropfactor. F-stop 1,8 is normaal, F1,4 is nog beter. Lagere waarden zijn ongebruikelijk en vinden we alleen bij goedkope objectieven.

Groothoek: 40mm en kleiner bij fullframe of kleinbeeld. 24 mm en kleiner bij Digitaal met cropfactor. F-Stop 4.0 is gangbaar, grotere opening is beter, kleinere alleen bij goedkope objectieven.

Tele: 75mm en groter bij fullframe en kleinbeeldnegatief, 50mm en groter bij digitale camera met cropfactor. F-stop neemt snel af bij de wat lagere telelenzen. Vrij gangbaar is F4 tot F5,6.



En nu verder:




Home

Meer over het model dat de workshop geeft

Boek een model met gratis studio



 LEES JIJ JETJE'S DAG OOK AL?


 



donderdag 3 januari 2019

beeldsensor

beeldsensor


De beeldsensor is een andere benaming voor het lichtgevoelige onderdeel van de digitale camera.

De beeldsensor wordt meestal sensor genoemd

De beeldsensor wordt meestal kortweg sensor genoemd. De meest voorkomende zijn de CMOS en de CCD beeldsensor.

De beeldsensor is één van de belangrijkste onderdelen van de digitale camera en in hoge mate verantwoordelijk voor de kwaliteit.


Hoe groter de beeldsensor hoe beter

Wat betreft deze kwaliteit geldt in principe hoe groter de beeldsensor hoe beter het beeld. Ook de mogelijkheden qua instellen van scherptediepte en dergelijke worden veel uitgebreider naarmate de beeldsensor groter is.

Megapixel, het toverwoord van de beeldsensor

Bij de beeldsensor komen we vaak het kengetal “megapixel” tegen. Megapixel is op zich een weinig zeggend getal voor de kwaliteit van de sensor. Een grote beeldsensor met minder megapixel zal een mooier beeld produceren dan een kleinere beeldsensor met heel veel mexapixel.

De term is echter bekend bij het grote publiek en van dat feit maken de marketingafdelingen van camerafabrikanten in de consumentensector maar al te graag gebruik.

De cropfactor

Maken we gebruik van een camera met een sensor die kleiner is dan het formaat van een negatief van een kleinbeeldfilm dan krijgen we te maken met het feit dat niet het gehele oppervlak wordt gebruikt dat door het objectief wordt geproduceerd.

cropfactor

Omdat we dus maar een deel van dat beeld gebruiken geeft dit een soort telelens effect dat (niet geheel correct) wel de cropfactor wordt genoemd.

Hebben we te maken met een beeldsensor die het volle negatiefformaat (24 x 36 mm) weergeeft dan spreken we van een fullframe camera ofwel een fullframe beeldsensor.

Digiback, de beeldsensor voor middenformaat

Voor middenformaat camera’s bestaan overigens nog veel grotere beeldsensoren. Deze zitten meestal in afneembare achterwanden, vaak digibacks genoemd, verwerkt.

De kwaliteit van deze beeldsensor is buitengewoon goed, maar door hun prijs zijn ze meestal alleen haalbaar voor de echte professionele fotograaf.



En nu verder:




Home

Meer over het model dat de workshop geeft

Boek een model met gratis studio


 LEES JIJ JETJE'S DAG OOK AL?


 



maandag 5 november 2018

standaardobjectief

standaardobjectief


Een standaardobjectief is een objectief dat ongeveer hetzelfde “ziet” als het menselijk oog. Bij een analoge kleinbeeldcamera of een fullframe digitale camera komt dit ongeveer overeen met een 50 mm brandpunt objectief.

Bij een digitale camera met een cropfactor van rond de 1,5 moeten we ongeveer een 35mm gebruiken en bij een middenformaatcamera een 80mm. Een grootformaat camera heeft vaak een standaardobjectief van 150mm.

Het standaardobjectief zat vroeger meestal op de camera gemonteerd of werd bijgeleverd bij een camera met verwisselbare objectieven.



Omdat er tegenwoordig meestal een kleine zoomlens als kitlens wordt meegeleverd en bij digicompact camera’s de standaardlens vrij onvoorspelbaar is qua brandpuntsafstand is de benaming standaardobjectief niet al te relevant meer

En nu verder:




Home

Meer over het model dat de workshop geeft

Boek een model met gratis studio



 LEES JIJ JETJE'S DAG OOK AL?


 



Zoeken op een trefwoord uit de modellenwereld dat begint met:
| A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | Z |